Maalbeek

Foto: Jelle Vanthuyne.

We gingen op weg zoals elke ochtend

We gingen op weg zoals telkens weer

Toen daalde de zwarte regen neer

Voor jou geen dinsdag meer

Drukke metro een laatste zoen

Vertrouwde stop waarom anders doen

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Bedolven in stof van haat en woede

Bedolven in schoonheid zoet

Zo dichtbij de hel onder de grond

Waar onze liefde vond

Ontspoorde gekken gemene gril

Toen stierf de tijd en het werd stil

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Europa schrok en keek naar jou

Europa huilde om man en vrouw

Kon ik je maar een knuffel geven

Was jij maar bij mij gebleven

Verdronken rivier huilende dagen

Na woede nog zovele vragen

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Onze ontmoeting daar plots gedaan

Onheil en een donkere traan

We omarmden elkaar daar zonder zorgen

Maar waar is nu de weg naar morgen

Je bleef daar achter op jankende treden

Heden werd toen het verleden

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Hun dromen maken wij vandaag

Hun namen als een tweede laag

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

De weken tellen geen dinsdagen meer

De uren zoeken minuten weer

Ach irissen zullen er altijd bloeien

Uit donker het licht blijven stoeien

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek.

Tweede laureaat Liefde voor Lyriek wedstrijd 2019.

Advertenties

Waarop heb ik zolang gewacht?

Foto: Jan Smets.

Waarop heb ik zolang gewacht?

Ik zou het moeten weten, mijn gedacht

Was het in de nacht of overdag?

Wie die mij dat zeggen kan?

Ik herinner mij iets, maar meestal niets

Het was op een woensdag of vrijdag misschien

Het wachten bleef duren

Het leken wel uren

En niets bewoog en niemand kwam

Tot men mij vond

Alleen en verward

Op het koertje voor het ouderenhuis

Zwarte tranen

Foto: Lorenza op Flickr.com.

Ik huil zwarte tranen

Als een niet te ontwaren kluwen

De zon schijnt, maar ik hoor donder en bliksem

Het geluk lacht

Mij uit in het gezicht

De pijn zit diep vanbinnen

Ik wil ze eruit krassen

Maar heb de moed niet

Ik voel mij alleen in de menigte

Ze zitten samen in mijn hoofd

De antoniemen van een autist

Ik ben de weg niet kwijt

Ik zie zelfs geen weg

Mijn ziel is verward

Mijn lichaam loopt over

Mijn geest verdampt

Zwarte tranen maken diepen groeven

In het parket van het leven

De scheiding

Foto: αndrΩ op Flickr.com.

Een scheiding! Een scheiding! Een scheiding!

Het klonk alsof ik mijn ontslag kreeg

Het donker en zwart was slechts een teken

Mijn pijn viel in de rivier

Ik voelde mij een slaaf

Toen ik die drie woorden hoorde, dacht ik te dromen

Kan de werkelijkheid terugkeren?

Is dit opnieuw één van jou vuile streken?

Mijn hart dwong mij de adem van elk moment te leven

Het verplichtte mij te schuilen in de schaduw van het zwaard

dat boven mijn hoofd hangt

Ik wil blijven leven!

Maakte ik niet lekker en voldoende eten voor jou?

Maakte ik een fout met de boodschappen?

Toon je mannelijkheid

Ik zorgde voor de geboorte van jou kind

Nu zal ik vechten en mijn zelfvertrouwen terugkrijgen

Ik zal strijden voor respect

Mijn hart en verlangens volgen

Ik zal mijn droom doen uitkomen

En jij?

Nu hoor je de echo uit mijn onafhankelijke ziel

De echo die hete lava door je oorschelpen laat stromen

En kraters zal toveren op de spiegel van jou gezicht

Rood verbrand

Ik ben verbrand in Airlie Beach. Een uurke zonder zonneblok in de zon blijven liggen… whoops!
Foto: Stefaan goes Australia op Flickr.com.

Hand in hand

Een nieuwe band

In eigen land

Aan het strand

Korrels van zand

Een haaientand

Onverwachts beland

Overmand

Emotionele rand

Want

Rood verbrand

En

Zwemshort die spant

Twee zwarte ogen

Twee zwarte ogen beloerden mij in de trein

Wat zou er zijn? Wat zou er zijn?

Die koele blink van dat halve gezicht

Zonder emotie, zonder licht

Zwarte kijkers recht naar mij gericht

Veel te koel, veel te dicht

Wat had ik misdaan, wat deed ik fout?

Ik braaf en lief als een hertebout

De vragen kwamen, maar antwoorden op slot

Waarom dat kille moment weet enkel God