Schaakborden van oorlog

Schaakborden spelen oorlogen

Tak-tak-tak, het houdt niet op

In het belang van macht gedurende twee en een half jaar of meer

De vermoorde lichamen sneuvelen in de naam van de Heilige Strijd

Het nationalisme werd de ontploffing

Is de aarde beter af zonder de mensen?

Kijk daar weer een lijk en een lichaam dat kreunt

Je bent toegewijd aan het dagelijkse bloed

Vandaag zullen opnieuw tweehonderdnegentien onschuldigen sneuvelen

Het gaat niet langer om de ziel, ze zijn slechts een nummer

Foto: Drumroll Studios.

De liefde voor religie en de liefde voor het volk

Misbruikt voor bloed op de grond en overal waar het stromen kan

Een industrie van beenderen en rompen

Skelet, slechts gelijkheid kan de ogen openen

Een gevecht tegen elk gerucht, een fatwa op de mobiele telefoon

Aan het einde van de dag wil je gewoon vrede

Twee granaten, vier lichamen erbij

De slechten aan het spit, het land verheugt zich

Het zal weer vechten zijn vandaag

Het einde van de strijd nog lang niet in zicht

Ze spannen samen, ze verbrokkelen en strijden weer voort

Het gif in de beker moet tot de laatste druppel worden uitgedronken

Het uur van de vrede is nog niet in zicht

Advertenties

Vreemd en nieuw

Foto: Magalie Joigny.

Ik ben vreemd, ik ben nieuw

Ik vraag mij af of jij dat ook bent

Ik hoor stemmen in mijn omgeving

Ik zie dingen die jij niet ziet en dat is niet eerlijk

Ik wil niet treuren

Ik ben vreemd, ik ben nieuw

Ik ga ervan uit dat jij dat ook bent

Ik voel mij een jongen in de ruimte

Ik kan de sterren aanraken en ik voel mij niet op mijn plaats

Ik ben bezorgd wat anderen daarvan vinden

Ik huil wanneer mensen lachten, ik krimp ineen

Ik ben vreemd, ik ben nieuw

Ik begrijp nu dat jij dat ook bent

Ik voel mij als een verschoppeling, een schipbreukeling

Ik droom van de dag dat dat geen probleem is

Ik probeer mij aan te passen

Ik hoop dat er een dag komt dat dat mij lukt

Ik ben vreemd, ik ben nieuw

Een kus op het water

Zonsondergang aan het Hallstatt meer in het Oostenrijkse Salzkammergut, in Opper-Oostenrijk. Het heeft een diepte van maximaal 125 meter en een oppervlakte van 8,55 km². De Traun vloeit in de Hallstätter See.
Foto: hunblende op Flickr.com.

Een lange uitgerekte zoen gaven zij elkaar

Het donkere meer en de houten boot zowaar

Verloren in de ondergaande zon

Smachtend naar meer als het kon

Ze werden een voor de dag verdween

En zonder elkaar konden ze nergens heen

Vrienden bij dag, kameraden bij nacht

Tot een nieuwe rimpel hen verder bracht

De smachtende lippen van het klotsende water

De droom van een zoon en zijn oude vader

Een pennentrek in het doorzichtige nat

Meer dat moois, meer van dat

Meer van vandaag, meer van morgen

Een fantastische dag zonder zorgen

Herinnering aan hem

Illustratiefoto: Ray Zamarripa.

Mijn ogen bloosden als roze kersen

In mijn mond de smaak van vroeg hooipersen

Een augustus waar zelfs het begin uitbleef

De zomer als stroop op mijn lippen dreef

Het was vijf voor sixpack dat moment

Zalig storend, intens latent

De iris versmachtte de puppy pupil

Zoals alleen een zwangere engel dat wil

Kuifharen bedaarden zijn jonge manjaren

Blote bast, bink van storm en duizend baren

Mijn kaasstengel zoetzure zoutbittere umami

Voor mijn hart … potenzialmente fatali

Jou neus een perfecte hoek van schoonheid

Mijn onmetelijke hunker een delicate slaafsheid

Kon ik jou maar opnieuw aanraken

Terugvinden onder een bezweet ochtendlaken

Al jou geuren verorberen als ontbijt

Innig kussen, zonder schaamte, zonder spijt

Als één moordtuig onze spieren elkaar belasten

Heet, ruig en vurig, mogelijkheden aftasten

Tot we ademden langs dezelfde mond

Gisteren en morgen niet langer bestond

Kon dat moment andermaal komen

Hij, herinnering, mijn brave dromen

Foto: Erre Castillo.

Eén van de 86 laureaten van de dichtwedstrijd Mijn herinnering van Gerard Rozeboom in samenwerking met uitgeverij aquaZZ, die gepubliceerd gaan worden in een gelijknamige dichtbundel. De uitslag onder 186 inzendingen werd bekend gemaakt op 6 juni 2019.

Maalbeek

Foto: Xoteroto op flickr.com

We gingen op weg zoals elke ochtend

We gingen op weg zoals telkens weer

Toen daalde de zwarte regen neer

Voor jou geen dinsdag meer

Drukke metro een laatste zoen

Vertrouwde stop waarom anders doen

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Bedolven in stof van haat en woede

Bedolven in schoonheid zoet

Zo dichtbij de hel onder de grond

Waar onze liefde vond

Ontspoorde gekken gemene gril

Toen stierf de tijd en het werd stil

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Europa schrok en keek naar jou

Europa huilde om man en vrouw

Kon ik je maar een knuffel geven

Was jij maar bij mij gebleven

Verdronken rivier huilende dagen

Na woede nog zovele vragen

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Onze ontmoeting daar plots gedaan

Onheil en een donkere traan

We omarmden elkaar daar zonder zorgen

Maar waar is nu de weg naar morgen

Je bleef daar achter op jankende treden

Heden werd toen het verleden

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Hun dromen maken wij vandaag

Hun namen als een tweede laag

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

De weken tellen geen dinsdagen meer

De uren zoeken minuten weer

Ach irissen zullen er altijd bloeien

Uit donker het licht blijven stoeien

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek,

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek.

Lente

Foto: jack1972ok op Flickr.com.

Drie primus madeliefjes honoreerden de spijzen

Tandpijn en oogziektes niet langer te krijgen

Heesters te snoeien, kleine vosjes die stoeien, vroegers die bloeien,

Krokussen verschijnen, zwijntjes heel kleintjes, balkonbakken fijntjes

Wildemanskruid harig ranonkel, geel hart van meeldraden

Bonte kleuren, Diana Clare en Charles Lamont schilderen tuinpaden

Bollen en knollen worden bloemen en kleuren

Toverhazelaar en sneeuwbal geweldig die geuren

Bittere bessen van de Gelderse roos laten vogels afschrikken

Boeketjes gaspeldoorn beschermt door vlijmscherpe prikken

Magnolia klokken luiden het einde van nacht en van vorst

Camelia verslapen, Mimosa aan het gapen, wilgenkatjes zo’n dorst

Zilver grijsblauwe naalden van Libanese ceder

Insekten, konijntjes, zo klein en zo teder

Ooievaars klapperen hun eigen, hun toon

Roze bloemen te eten van de judasboom

De rhododendrons verlegen kijken omlaag

De lente is nu. Nu en vandaag.

Banana

Tekening: Curtis Tappenden.

De rug over de stoel heen

Een foltering zo gemeen

Alle druk op enkele spieren

Pijn waarvoor niemand wil kiezen

Ze zijn gemeen en rot

Ze maken al jou grassprietjes kapot

Zie ze lachen vol met spot

Mishandeling is hun nieuwe God

Omdat ze zwak en onbeduidend zijn

Kunnen ze enkel winnen met jou pijn

Geef foltering geen enkele kans

Veroordeel het en wees echt mans

Kiezen

Foto: Insomnia Cured Here.

Moe van het moeten kiezen

Schrik om te verliezen

Zoveel keuzes, zoveel vragen

In te korte grijze dagen

Waarom kiest men niet voor mij?

Mijn twijfels dan opzij

Mensen moeten keuzes maken

Waar is mijn vaste baken?

Ik wil naar een ander land zonder avontuur

Want zelf kiezen valt mij veel te duur

Sneeuw

Foto: Astrid Mensen.

Het was weer lang geleden

De sneeuw die kwam beneden

Het zag overal witjes aan

Alle auto’s van de baan

Ik kon het niet geloven

Wat deden ze toch daarboven

Boven in de hel

Deden zo hun ding daar wel

Kon ik maar verlangen

Naar vogels en gezangen

Kon ik maar weer staan

Op de aarde of de maan

Maar niemand kan ooit beloven

Dat de lente ooit zal komen

Mijn adem bleef toen staan

Het leven plots gedaan

Ik stond die ochtend voor het venster

Mijn lichaam zijn laatste genster

Het zag zo wit daarbuiten

Sterretjes bevroren aan de ruiten

Maar voor mijn ogen, plotseling zo zwart

Opeens begeven, veel te jong mijn hart

Ik zal geen honderd halen

Ik steeg op uit de dalen

Mijn karma zweeft nu rond

Waar het nooit vriest aan de grond

Het zal nooit meer lente of winter wezen

Nooit meer pijn, ziek of genezen

Ik heb mijn rust gevonden

In de hemel voor de honden