Hemel

Foto: Varosh Santanamiguel.

Waar de hemel begon

Was waar jij stond

Met een flukse flinke

Rechtsdraaiende rakker

Als noodzakelijk instrument

Van die getinte huid

Die jou witte cocoon verlichtte

En te veel verborg

Zonder enige reden

In een paradijs waar

Geen woorden nodig waren

Omdat bontgekleurde fladderaars

Er de boomtoppen veroverden

Maar als een monnik

Uit vervlogen middeleeuwen

Wachtte jij op een teken

Ter bevestiging

Dat er meer was

Dan dit aards’ bestaan

En weldra jou gebeden

Verhoord zouden worden zoals weleer

Om ons samen te leiden

Naar tuinen van Eden

Met hangende terrassen

Langs hemelsblauwe rivieren

En geelgrijze stranden

Waar ook onze ark

Weldra zou stranden

En alles zich kon herhalen

Anonieme gelukzoeker

Foto: Rafa Velazquez.

Door de nood zwaar in het rood

Ellende aan een radeloze vlucht ontsproot

Eenzame sardien in een helse vloot

Overleef je of wordt het de dood

Jou hart moeders’ smart

Jou leven te vroeg getart

Verzuip jij als een onbekende

Die vluchtte en rende

Geen letter over jou in de krant

Radeloze op zoek naar een land

Waar alles beter zou zijn

Naar een paradijs zo fijn

Maar haal je ooit de bestemming

Of cirkel je in een doodsring

Een kans zo klein

Ontvluchten die pijn

Armoede, oorlog en geweld

Leven op een vuilnisbelt

Een hart van hoop

Een toekomst te koop

Een verleden begraven

Een dorst snel laven

Maar hoe onzeker is de toekomst

Een boot als een zeepspons

Golven te hoog

Dromen te groot

Het verre land ligt te ver

Enkel rest ons een ster

Die in jou naam zal schijnen

Wanneer jou leven zal verdwijnen

Vluchteling je stierf niet alleen

Voor jou geen traan, geen geween

Een anoniem graf in een havenstad

Want ze hebben het gehad

Met zij die zoeken en vluchten

Waarvoor we niet langer zuchten

Maar aanvaarden wat niet te aanvaarden is

Ze hebben pech, ze hebben het mis

Ze mogen zinken en verdrinken

Zonder knipperen of verpinken

Hun dood heeft immers geen waarde

In onze steen van harde aarde

Toen… herinneringen

Foto: Simon Sonnenblume.

Er was een tijd toen de aarde nog een ronde bol was

En niemand sprak over een piek of iets afvlakken

En je creativiteit niet werd gefnuikt

Door Corona doden en statistieken

Je nog vrij en zorgeloos kon rondlopen

Zonder afstanden of meters te tellen

Te wachten op mondkapjes uit China

En toestellen om weer op adem te komen

Toen mensen nog gewoon stierven in rusthuizen

Omdat ze gewoon oud werden

Toen we nog niet terecht kwamen in Whatsapp groepjes

En overstelpt werden met onzedelijke filmpjes

En met dwaze informatie onze handen wasten

Van mensen die ons eigenlijk geen knijt interesseren

En het geklaag van onderwijspersoneel die voor het eerst werken

Want dat waren ze nooit gewoon

Met als enige voordeel dat we dit jaar

Niet naar dat bekakte Songfestival moeten kijken

En eindelijk ademruimte vinden in onze agenda

Eindelijk de vakantiefoto’s van de voorbije zes reizen bekijken

Waarvan we al lang niet meer weten welke foto waarbij hoort

De enige open parken zijn autostrades geworden

Van ontregelde mensen en psychopaten

Die zich verbazen over hun eigen spiegel

Van agenten die niet langer op boeven jagen

Maar op alles wat sociaal in de omgang is

Van regels die vloeien uit een gewond dier

En schreeuwen in een donkere nacht

En stiltes die liggen te wachten op een begrafenis

Waarbij zelfs vier kaartspelers te veel zijn

Omdat we leven in andere tijden

Met zekerheden die pootje gelapt zijn

Met conflicten die verengen in tijd en ruimte

Exploderen in de woonkamer

Ontgroenen in de supermarkt

Tot niemand nog de moed kan vinden

Om de dag van gisteren toe te dekken

En het bed vandaag weer op te maken

Samen (Geliefd zijn)

Foto: wilma HW61 op Flickr.com

Ik boog mij voorover naar haar

Als een reiger aandachtig voor elk gevaar

Ze rook naar jasmijn en ik naar terpentijn

De wereld was simpel, er gewoon zijn

Haar tepels bekeken mij droog en hard

Kleine soeplepels schepten in mijn haren zwart

Op de bank lag zij in mijn schoot

Alle haar lippen zo vurig rood

Onze jeans, waar we het intiemste tot laatst bewaarden

Terwijl de aarde niet langer verder draaide

Zij was van mij en ik van haar

Die blik ontwaarde dat kleine gebaar

Ik was geliefd, ik was bekoort

Alleen een dwaas die dat niet hoort

De mug

Foto: Emiliano Rinaldi.

De hitte kwam, samen met de mug

Ga naar de mug en zie in hem geen vijand

Je bent in het huis van de bedelaar, in zijn paleis

Je koninkrijk is op aarde, het is een vorm van trots

De wereld is er één van jou, maar ook van de mug

Je bent ook twee dagen samen op de wereld met deze mug

Bied haar geschenken aan, geef je zweet en toon je huis

Laat haar twee tranen van jou bloed drinken

Zich laven zoals aan een straaltje water

Je bevindt je in elk paradijs, maar je bent bang voor je hart

Je hebt alleen maar een hoge bloeddruk die in je keel zingt

Draag de hitte met de mug

Ga naar de mug en doe haar een voorstel

De grote stad

Foto: byHSP op Flickr.com.

Oh mijn hart, kijk ook langzaam aan de rechterkant

Dit is de grote stad

Twee armen aan elke zijkant gestrekt tot mijn binnenkant

Het ritme van de vrijheid aanbid ik in extase

De rivier vergeet nooit de heilige aarde

Dit is de grote stad

Niemand weet hoeveel mensen ons roepen

Slaapwandelen om verloren te lopen in de zee

Als lichamen achterblijven

De deur open voor geven, ontmoeten en terugkeren

Dit is de grote stad

De enige mensen die in onze buurt kwamen

Waar zij in de ochtend

Toen niemand ons durfde te verlaten

Heb ik in hun stem melodietjes gehoord

Dat nog anderen gaan komen

Dit is de grote stad

De dag werd onderbroken door geschreeuw

In het hart van het hart

Werden we wakker door het geluid

Een groep mensen in huis maakte een groot probleem

Ze aanbaden de verkeerde goden

Dit is de grote stad

Het vuur brandde vlam na vlam

De toekomst werd door geld en het lot geschreven

Zorg voor verdrukten, luister naar die andere stem

Vrees zoveel je kan en beledig niemand

Laat de zielen leven

Aan het einde van een verschrikkelijke pijn

Dit is de grote stad

Kom vandaag naar mij toe

Van alle talen, van alle volkeren, van elke religie

Heb vrede

Omarm mij met al je armen

Kom naar mij toe en word verliefd

Maak je debuut op deze pelgrimstocht

Want dit is jou stad

Schaakborden van oorlog

Schaakborden spelen oorlogen

Tak-tak-tak, het houdt niet op

In het belang van macht gedurende twee en een half jaar of meer

De vermoorde lichamen sneuvelen in de naam van de Heilige Strijd

Het nationalisme werd de ontploffing

Is de aarde beter af zonder de mensen?

Kijk daar weer een lijk en een lichaam dat kreunt

Je bent toegewijd aan het dagelijkse bloed

Vandaag zullen opnieuw tweehonderdnegentien onschuldigen sneuvelen

Het gaat niet langer om de ziel, ze zijn slechts een nummer

Foto: Drumroll Studios.

De liefde voor religie en de liefde voor het volk

Misbruikt voor bloed op de grond en overal waar het stromen kan

Een industrie van beenderen en rompen

Skelet, slechts gelijkheid kan de ogen openen

Een gevecht tegen elk gerucht, een fatwa op de mobiele telefoon

Aan het einde van de dag wil je gewoon vrede

Twee granaten, vier lichamen erbij

De slechten aan het spit, het land verheugt zich

Het zal weer vechten zijn vandaag

Het einde van de strijd nog lang niet in zicht

Ze spannen samen, ze verbrokkelen en strijden weer voort

Het gif in de beker moet tot de laatste druppel worden uitgedronken

Het uur van de vrede is nog niet in zicht

Sneeuw

Foto: Astrid Mensen.

Het was weer lang geleden

De sneeuw die kwam beneden

Het zag overal witjes aan

Alle auto’s van de baan

Ik kon het niet geloven

Wat deden ze toch daarboven

Boven in de hel

Deden zo hun ding daar wel

Kon ik maar verlangen

Naar vogels en gezangen

Kon ik maar weer staan

Op de aarde of de maan

Maar niemand kan ooit beloven

Dat de lente ooit zal komen

Mijn adem bleef toen staan

Het leven plots gedaan

Ik stond die ochtend voor het venster

Mijn lichaam zijn laatste genster

Het zag zo wit daarbuiten

Sterretjes bevroren aan de ruiten

Maar voor mijn ogen, plotseling zo zwart

Opeens begeven, veel te jong mijn hart

Ik zal geen honderd halen

Ik steeg op uit de dalen

Mijn karma zweeft nu rond

Waar het nooit vriest aan de grond

Het zal nooit meer lente of winter wezen

Nooit meer pijn, ziek of genezen

Ik heb mijn rust gevonden

In de hemel voor de honden