De stilstand

Foto: Yomogi Resident .

Ik verloor mijn weg

In een wereld die bleef stilstaan

In de leegte van het bestaan

Ik voelde mij klein en groot tegelijk

Wachtend tot er iets gebeuren zou

Maar alles kwam terug

Zonder helden, zonder winnaars

De vlakte bleef vlak

En de ene dag strompelde over de volgende

Tot de week weker werd

En de maand wachtte op maandagen

De wereld leek leeg

De hoofden vol

De mens bleef dwaas

En de bazen de baas

Niets zou veranderen, niets zou zijn

We bleven verweesd, we bleven klein

Autisme Storm.

Het huis van mijn moeder

Foto: Mousha Mousha op Flickr.com.

Daar in het huis van mijn moeder

Met een kookvertrek als hondenhok

Bezet door een krijsende loeder

Constant in ruzie met die andere sok

Dat huis was niet van mij

Daar waren dweil en stoffer immers baas

En vlot beteugelden zij vrij en blij

Zwijgen, mond houden jij kleine dwaas

Dit is een huis, een bakstenen gebouw

Plezier valt hier niet te bespeuren

Waar vader heerst met eeuwige klauw

Niemand kijkt hier achter deuren

Niemand proeft hier haat zo rouw

Niemand voelt pijn en angst zo kou

Als jij, kleine aap en broeder

In dat huis van genaamd, jou moeder

Autisme Storm.

Allemaal figuren

Cirkels met een begin, maar zonder einde.

Draaien allen tezamen in mijn hoofd.

Als kronkelende monsters boven en beneden.

Ik wil ze sluiten, maar het lukt mij niet.

Ze draaien links, rechts, boven en beneden.

Grijze hoefijzers voor elke prikkel.

Elk geluid en achtergrondgeluid.

Elke stem ver en dichtbij, elke vorm, detail, tekst en kleur.

Komen samen als klank- en lichtspel.

Ik krijg geen cirkel gesloten.

Het blijven kronkelende wormen, grijze hoefijzers die in elkaar verstrengelen.

Laat mij even alleen. Ik moet ze ver weg gaan jagen.

Ze moeten weg. Ze zijn mij te veel.

Elke streling, elk geluid, elke vraag is mij te veel.

Een beetje boosheid nooit geleerd.

Als ik ontplof is alles woede.

Het is niet jou fout. Ik moet mij wapenen tegen al die kronkels, cirkels zonder einde in mijn hoofd.

Het maakt mij zo ontzettend moe. Het kost mij zo verschrikkelijk veel tijd.

Beter alleen de stille strijd. Dan nu een nieuwe lading vragen, woorden, strelingen.

Ik ben in oorlog met de drukke buitenwereld. Laat mij nu even alleen.

Ik heb nood aan rust; geen extra prikkels.

Dan wordt het helemaal te veel. BOEM! Dan ontploft alles in één keer.

Geen boosheid, maar mijn eigen schild.

Ik wil mijn angsten niet tonen en kan dit niet.

Het is ofwel ‘geen boosheid’ of ‘zeer grof geschut’. Ik zou niet weten wat er tussen beiden in bestaan kan.

Ik ben niet kwaad. Ik ben niet triest. Ik wil alleen weer baas zijn in mijn hoofd. Alle losse lijntjes weer eruit.

Ze zijn weer even weg. Ze komen terug. Een nieuwe dag, een nieuwe strijd.

Autisme Storm.