De vergeelde post-it

Foto: Ana Kléa Moraes.

De kleur des tijds afgestaan

Als een vergeelde post-it

Waarvan de smiley verdwenen is

Zijn lijmlaag de kleefbaarheid verloren

Wachtend in het tweede deel van het leven

Wetend dat verouderen en de dood

De enige zekerheden zijn

Tot het laatste stukje lijm

Verschroeid met de tijd

Met een vluchtige herfstwind

Nog enkel loslaat

Om vliegensvlug te worden verfrommeld

Desnoods te dwarrelen onder een ladekast

Te eindigen in een prullenmand

Als niet meer terzake doend

Tussen andere onderkruipers

Die te vroeg de nek uitstaken

En waarvan de inkt net opgedroogd

Of de huid vergeeld is

Niet langer van betekenis

Woorden of zinnen

Verdwenen voor goed en altijd

Of gekopieerd naar elektronische wegen

Waar gele post-its geen betekenis hebben

Slechts het tijdelijk relaas

De ondankbare boodschap

De herinnering

De vervelende taak

De to do

Gele post-its

Van eendagsvlieg tot jaarboek

Maar eens houdt de lijm niet langer

En worden ze weggerukt van bureau en pc

Om te verdwijnen als afval

Hun opdracht volbracht

Van smiley tot pracht

Autisme Storm.

Weer verandering

Weer verandering! Weer storm in mijn hoofd!

Nieuwe computer, nieuw behang, nieuwe dokter voor de voeten.

Waarom weer verandering? Waarom weer helemaal anders?

Ik ben het even beu. Ik wil ook dingen alleen doen. Rust en stilte in mijn hoofd. Weg tornado’s die alles mee zuigen in een draaikolf.

Ik wil een bureau thuis om aan te werken en te schrijven.

Tractor. Boem, boem. Weg zijn wij. Altijd weg, altijd reizen.

Bakstenen vallen uit de lucht. De muur is af en toch blijven bakstenen naar beneden komen.

Rode bakstenen. Mijn hoofd zit vol. Vol lawaai, drukte, veranderingen, geluiden. Weg is de stilte. De stilte van de woestijn.

Koekoek en roekoe. Ik wring hun nek nog eens om! Dit is geen uur om al wakker te zijn!

Deur open en dichtklappen van een auto. Starten van de auto, verder rijden.

Bonk, knots. Waarom maken autoportieren die ’s morgens dichtslaan altijd zo een hels kabaal?

Kabaal, lawaai. Lawaai, kabaal.

Vlucht naar voren.

Was morgen maar gisteren, dan zou ik vandaag gelukkig zijn.

Mijn hoofd zit vol. Weeral!

Zoals een pas getankte benzinetank in de zomer.

Zoals de Piper Alfa uit zijn voegen explodeerde.

Vol zoal zwart en dan nog zwarte dozen erbij.

De weg van stilte is zoek. Een verlaten eenzame weg versus een autostrade van indrukken en geluiden. Emoties en gevoelens als een zware last in een rugzak om mee te dragen.

De rugzak lijkt makkelijk van je af te gooien en dan strompel je opnieuw over een nieuwe rugzak. Vol met andere spullen waarvan je niet weet of ze van jou, jou buurman of iemand anders zijn.

Als die koekoek nog eens koekoek roept, zal ik wat kroepoek in zijn bed steken.

Vliegtuig weg met zorgen in de lucht of weg om weg te zijn? Als jaarlijkse of trimestriële verplichting. Die we dan met de nodige druk en poeha aan onszelf hebben opgelegd.

Mijn verhaal. Een ander verhaal. Ik ben anders. Maar laat me toch mijzelf zijn. Laat mij leven en mijn eigen ding doen.

Ik ben geen kleuter, geen klein kind. Ik heb ook een mening, interesses, ik wil ook mijzelf zijn en mij nuttig voelen in deze maatschappij.

De storm kan gaan liggen. De stilte kan terugkeren. Het zware hoofd zat weer zo vol. Vol-au-vent met koekoek. Dat zou misschien ook wel lekker zijn.

Autisme Storm.