Storm

Foto: john.blake89 op Flickr.com.

Huilen als een dodelijk verwond dier,

tiert buiten heel alleen, dwars en gemeen

een storm van woede, een woeste brij

van luchtlagen samengedrukt

onze oorschelpen en zenuwen testend

hoe lang hij het voor het zeggen krijgt.

Gemene kreng, gemene vent

laat ons met rust, rust aan jou.

Zo ongevraagd en ongewild

jou prillen na april,

jou willen na awel,

meer beu dan koude pap

op een donderdagochtend

in een verlaten mijnstadje

aan de oevers van de New River.

Storm, waai weg!

Autisme Storm.

Je leek magie

Foto: Francesca Pfeffer.

Je leek magie

Maar was fobie

Een mislukte filmster

Schopte het te ver

Dacht dat je jou alles kon veroorloven

We tolkten over jou naar doven

We vertelden in geuren en kleuren

Dat het nu ging gebeuren

Ze hielden ons voor dwazen

Als angstige domme hazen

Bleef maar op jou Chinese markt

Nu je in onze levens harkt

Jong en oud

Het laat jou koud

Zonder ticket nam jij boot en plane

En voelde je thuis als geeneen

Wat is er met jou aan de hand

Waarom koos je ook ons land

We hebben het nu gehad

Maanden in een Corona bad

Zwem maar snel weer heen

Met die tattoo op je linkerbeen

Kruip maar terug in een dier van schelp

Wees maar klein en terug een welp

Wees maar braaf en heel sereen

Dat is het beste voor elkeen

Autisme Storm.

Ik was alleen

Drakenboom op Tenerife.
Foto: NadiaBE op Flickr.com.

Ik was alleen en vond toen samen. We waren jong. We werden oud. Jij gaf mij mijn benen en ik gaf jou mijn hand. Het werd een band. Ons verstand. Eindelijk aanbeland. In dit land.

Waar ik zocht en ik nooit vond. Waar jij vond, maar vergat te zoeken. Waar twee terug één werden. Versmolten in heden elk zijn verleden. De drakenboom wist, maar zijn ringen zwegen in de mist. De moerassen, de woestijnen, de steppen, het heelal om de hoek.

Het vinden van ver hier nabij op de deurmat een welkom en blijf. De deur op een kier, lekker dier blijf hier, voor plezier en vertier, voor luister en kluister, voor een knuf en een puf, voel je hier goed, want dit wordt nu ons thuis.

Na al die zware dromen eindelijk de ochtend aangekomen. In het licht van de wereld. De boosheid op schap, lach op de mond, opnieuw geluk in het rond toen ik jou daar zo vond.

Autisme Storm.

Toendra

Foto: florisla op Flickr.com.

Het is min 19 in de verlaten toendra en de ijzige lucht dringt door alle metaal van de trein die moeizaam op gang komt.

Zuchtend, piepend en smekend sleept de zware locomotief zich voort in het stille desolate landschap tussen het dode liggende vee dat de laatste vrieskou niet heeft overleeft.

De metalen spoorstaven worden door koning winter tegen elkaar naar boven geduwd.

De trein schokt vooruit over elke bubbel.

De dikke pelsen frakken bieden nauwelijks weerstand en de ijzige ademwolkjes verspreiden zich als de smoor van Havaanse sigaren in de donkere treincoupé.

Het houten bankstel kreunt met elke nerf mee als een vergane matroesjka.

Aan de wekenlange ijskoude lijkt maar geen eind te komen.

De loodzware winter van dood en verderf heeft genadeloos toegeslagen.

Mens en dier, machine en leven vechten met de duivelse winter een strijd om overleven uit.

Niemand zal straks ongehavend de lente beminnen als het aanschouwen van een Russische ballerina in het theater van Moskou.

De winter zal sterven, de lente zal met stille tred op het voorplan treden.

De littekens van de witte hel zullen nog maanden meeslepen in de ontwakende toendra van morgen.

Autisme Storm.