Eindhalte van lijden

Foto: Sean Sandoval.

De koude lucht kneep in het frele lichaam

Wakker worden kon niet meer

Het was te vlug en te langzaam gedaan

De weken werden minuten

En de minuten werden jaren

Het ongerepte lichaam snakte naar meer

Tot meer opeens niet meer wou

En de trein van leven tot stilstand kwam

Eindhalte van lijden

Het huis van mijn moeder

Foto: Mousha Mousha op Flickr.com.

Daar in het huis van mijn moeder

Met een kookvertrek als hondenhok

Bezet door een krijsende loeder

Constant in ruzie met die andere sok

Dat huis was niet van mij

Daar waren dweil en stoffer immers baas

En vlot beteugelden zij vrij en blij

Zwijgen, mond houden jij kleine dwaas

Dit is een huis, een bakstenen gebouw

Plezier valt hier niet te bespeuren

Waar vader heerst met eeuwige klauw

Niemand kijkt hier achter deuren

Niemand proeft hier haat zo rouw

Niemand voelt pijn en angst zo kou

Als jij, kleine aap en broeder

In dat huis van genaamd, jou moeder

Het huis van mijn opa

Foto: Neil Moralee.

Daar waar de mierzoete thee onze adem bedwelmd

Waar zijn liefste niet langer onze magen verwent

Vertoefd mijn opa één met flinterdunne nicotinestok

Keffiyeh van koffieprut en vervlogen sneeuwvlok

Roken maakt de longen proper zegt hij

Met een blauwgrijze bloemkool erbij

Zijn overhitte lichaam, gekoeld door parels zo puur

Tranen geklierd tot oude wijn: venijn en zuur

Getinte rimpelpoten met bruine nagelriemen

Borstelsnor van vrijheid en Koerdenlied

Verhalen over de bergen, vrienden van ons

Een thuis zonder land, een huis zonder spons

Gedragen langs weidenbloemen op schone dagen

Stut ik nu ook opa in dit handgeweven huis

Tot de val van zijn asem, zijn vrucht tot het kruis

Te proper gewassen

Foto: VincentYee Resident.

Te proper gewassen, vergeten te schoon

Verloor ik de onschuld, bleef het een droom

Mijn huis was ik kwijt, ik barstte van nijd

De fouten begaan, te laat al die spijt

Mijn lichaam was bleek, ongezond zo het leek

Ik zocht naar een naald, ik schopte vaak keet

Te lang en te veel, geduld met mij gehad

Het huis werd een riool voor deze drugsrat

Ik zocht naar mijn aders, ik spoot er weer in

Even geluk, roes, had het leven weer zin

Kwam mijn duivel weer kloppen

Denk nu niet aan stoppen

Het huis van een junk, een thuis ooit gehad

Riool nooit meer proper, een vogel voor kat

Zoeken naar licht

Foto: Lunis’s Dollhouse.

Ik vond de zoetheid in het witte licht

Van een broeihete ijskast

Omgeven door speeltjes die leefden

In een verleden en toekomst

Waar beertjes zaten in het brood

En vlinders dartelden olifanten groot

Ik vond de zuurheid in het gele licht

Toen de ijskast begon te smelten

En fonteintjes keukenmieren deden laven

Aan jenever met citroenijs

Van een kofschip dat niet wou drijven

In de zwaarte van het heden

Ik vond de zachtheid in het groene licht

Toen marsmannetjes stonden te wachten

Met witte mondmaskertjes op de lijnbus

En ze vergaten te vragen

De eindhalte van hun avontuur

In vond de rust in het zwarte licht

Omdat niemand daar knipperde

De was daar droogde en weekte zonder draden

Een eengemaakte geur van de ontplofte zomer

Na de staatsgreep op de lente

Die we nog steeds niet konden aanvaarden

Ontsnapping aan de chaos

Foto: Ibrahim Lujaz.

Ontsnappen aan onvermijdelijke verdrinking

In het grote verhaal voor ons gesoeplepeld

Gewurgd door de noodzaak

Voldoen aan hun social killer events

Om weldra te stikken

In een wereld van tranen en verdriet

Snuif je jou eigen wereld in

Lik je aan verboden vruchten

Verzwelg je roze nijlpaarden

Om te ontsnappen

Aan een oceaan van verplichtingen

Aan een wereld van chaos

Aan een leven van overleven

Om je ergens thuis te voelen

In een huis dat reeds werd afgebroken

Met slaapkamers op half negen

Met een keuken vol cola en citroen

Een egel door je neus

Een krokodil door je mond

Een grijze kater door het hoofd

En een bizon tussen de benen

Gedreven door verdreven angsten

Verdwenen met geleende dromen

Bezwangerd met een replay

Bevroren in de tijd

Slapend door mistige dagen

Van indrukken en lagen

Zoekend naar een spiegel

Die een vloeipapier blijkt

Dansend met de eigen ziel

Die plots naast jou grote voeten viel

Koffie

Foto: Drey.

Het zwarte goud

Toverde bitterheid op zijn tong

Zout tussen bubbels en benen

En een warme gloed tussen Adam’s appel

Die neerdaalde door tepels en dijen

Om te verdwijnen in een zure massa

Kolkend van verlangen naar meer

Om een hongerende dorst te stillen

In een mok van vertrouwen

In een gevoel van herkenning

En een opstoot van energie

Om de volgende minuut te halen

En het volgende uur hopelijk ook

Tot de zwarte geest is uitgewerkt

En schreeuwt om een nieuwe drug

Ik ga iets moois schrijven

Foto: Robert Siegelman op Flickr.com. Walt Cessna, 1964-2017.

Ik ga iets moois schrijven

Maar ik weet niet hoe dat moet

Want schrijven is blijven

En slecht nieuws smaakt zo zoet

Hoe de wereld elke dag opnieuw ontwaakt

De slecht dagen naar het archief sluist

En hoe een nieuw drama ons opnieuw raakt

Ik wil vrij zijn en naar buiten

Maar ik zit er middenin

Ik ga iets moois schrijven

Beslist. Maar ik weet niet hoe of waar

Met het slechte nieuws heb ik het gehad

Ik ga iets moois schrijven

Ooit komt het wel klaar

Familie

Foto: Abel Streeter.

Begeerte aan het verboden

Begeerte aan het ondenkbare

Eén en één maakt opnieuw één

Verlangen naar zijn warmte

Hunkeren naar zijn adem

Die zich vermengd met de mijne

Onze lichamen gekleefd in één lijn

Een heerlijk ruikende, aangename snack

Te verorberen vanaf zijn geoliede oren

Lange nagels verkennen zijn buikweefsel

De streek waarover Adam en Eva zich schaamden

Waar geen braguette meer wordt gedragen

Waar wij elkaar vonden als broer en broer

Omdat we ook familie waren