Masai mannen

Foto: Jean Michel op Flickr.com.

Keni en Tanzi, verdreven naar buches,

waar beknotte dapperheid wordt begraven.

Achtergelaten blikken van witte klei couche

in tenten van dorst en hongerige magen

daar waar een metamorfose mannen maakt

en jongens begraaft in de rimboe.

In dat dorp ontwaken potten en pannen

twee koeien, tien geiten, wat was hun gedacht

alvorens bereid volgens geroosterde moordplannen

met platte broden gekneed, door vrouwen zo zacht.

Waar jongeren samen de geiten reeds melken

terwijl versletenen hun eigen alcohol doen leven,

geschenken bezongen en ook weer verwelken

in dansen en liederen die de aarde doen beven.

Ritme en rijst voor roodgekalkte snuiters,

voor mannen die terugkeerden als waren het Goden.

Autisme Storm.

Weg van de dag

Ik loop weer weg

Van de dag vandaag, terug naar gisteren

Om mijn blonde haren te laten wapperen

In windstille grijze straten

Weg van de wijze raad

De eigen waarheid achterna

Die mij een spiegel geeft met doornen

Als ik hulp zoek

Zoek ik naar jou die ik wegduw

Huil ik om jou glimlach

Bijt ik in de helpende hand

Terwijl mijn hersenen verkeerd kronkelen

Weg van jullie normaal

Dat mijn vreemde eend blijft

Mijn vijand nummer één

Ik wil niets

Niets dan jou

Niets dan gewoon

Niets is veel

Te veel voor een simpele duif

Die vliegt onder een oceaan

En lava spuwt over dromen

Voor de zandman slapen zal

Ik doe maar voort

Vandaag, één dag na gisteren

Voort de eigen weg

Weg van alles, dicht nabij

Met mijn eigen klei

Onwennig aan jou zij

Autisme Storm.

Afdwalende gedachten

Foto: Misteriddles op Flickr.com.

Mijn lichaam verwelkte tussen bebloemde lakens

De geest klauwend smachtend zijn eigen bakens

Een pop van klei liet mij bevriezen

Emotie en gevoelens samen wiezen

De gedachten dwaalden over het plafond

Waar vrijheid nog heerste en alles kon

Samen vermoeiende terreur

Met grijs als enige kleur

Ik dacht aan een alternatief

Een oprechte nachtelijke dief

Was het mijn minnaar of medespeler

Mijn lieve nar of zorgzame heler

Mijn lichaam verdween in de nacht

Waar iedereen wat anders dacht

En ik alleen kon cijferen in akkoorden

En acteren aan linkse bakboorden

Autisme Storm.

Amantes Amentes

Foto: https://www.flickr.com/photos/internetarchivebookimages/

Mysterieuze koningin van de nacht

Die nooit weent, die nooit lacht

Die Valentijn kreeg je mij in jou macht

Ik zocht wat onbereikbaar was

Onder herfstbladeren verborgen jou moeras

Dacht nog dat ik de toekomst zag

En wou je verheffen en aanbidden

Maar mijn kathedraal werd een inferno

Ik werd een vreemde voor mijzelf

Mijn huid barstte van de hitte

Je gooide mijn as voor de vissen

Je verslond mijn naïeve ziel

En zei dat het was omdat je van me hield

Maar jou liefdeshonger werd mijn dood

Met Valentijn ging jij door het rood

Je nam mij mee naar de plaats nooit

Je brandende ogen verslonden mij

Van vuur naar as naar klei

Het werd zij en niet langer hij

Valentijn maakte mij vrij

Van die aardkloot daar rondom mij

Waar ik nu altijd en eeuwig gedij

Autisme Storm.

Liedekerke strand

(Liedtekst:)

Waar ben ik toch beland?

Een strand zonder zand

Ik gaf mijn hart in jou hand

Door zotte liefde overmand

Mijn jeans die nu al spant

In Liedekerke strand

We sprokkelden geluk bij elkaar

Van concurrenten geen gevaar

Onszelf zijn kan zowaar

Met jou wordt ik 80 jaar

Onze schuitje ligt al klaar

In Liedekerke strand

Om vijf uur slopen wij

Onze lijven van zweet en klei

Naar land van geluk en vrij

Onder lakens ons stormgetij

Vip plaatsen voor jou en mij

In Liedekerke strand

Daar waar alles kan

En dromen nooit stoppen zal

Schrijven we onze liefdesroman

Onze harten, één bouwplan

Voor afgunst en niemand bang

In Liedekerke strand

Leek de toekomst zo mooi

We speelden in het zomerhooi

Beminden in elke huidplooi

Onze zielen aan elkaar ten prooi

Vluchtelingen uit een gouden kooi

Daar was het strand dat alleen wij konden vinden

Daar was het land dat alleen wij beminden

In Liedekerke strand

In Liedekerke strand

In Liedekerke strand

Autisme Storm.

Zandstorm in mijn hoofd

Schurende korrels botsen tegen metalen plaatjes en bakstenen.

Een mist, een wolk van bruin stof.

Libanon. Syrië. Woestijn.

Een bruine stofwolk.

Bruine peetjes in klei. Van stof tot mens gemaakt.

De snelheid van het stof, de zandkorrel, de mist van een bruine storm.

De kameel is stil. Met vier.

De koekoek roept als een ambetant beest dat niet kan ‘doordutten’ tot de noen, maar een ‘ratrace’ houdt elke dag met de stralen van de zon.

Gezoem van een rijdend schip.

En nog één! Zwaarder. Trillingen. Zoals de vibratie van een zandstorm.

Huizen dansen op hun palen en een water van cement.

Paalwoningen in een karkas van ijzer gevlochten in ‘concrete’.

De luie vogels zijn afwezig.

De zotte morgen is weer begonnen.

Zotte morgen van maandag tot vrijdag, maar woensdag niet.

Toekedoeng.

Ribbel na ribbel in de verzinkende eenheid van asfalt- en betonstroken.

Geluid van links naar rechts. Van rechts naar links.

Elke bult voelend in kermen van krakend ijzer en hard rubber.

Stomme koekoek! Hou je mond! Leg een ei in andermans nest.

Nieuwe dag, waarom overslaap jij je nooit eens?

Autisme Storm.

Vriend de vogel

Oh vogel, klein, maar fijn.

Zoudt gij vandaag mijn vriendje willen zijn?

Gij met uwe grote staart.

Wat kost dat ding, wat is het u waard?

Oh vogel, klein maar fijn.

Zoudt gij vandaag mijn vriendje willen zijn?

Ik ben jaloers op uwe staart.

Hij is nog langer dan die van een paard.

Van waar hebt gij al die vederen vergaart?

Ze geven u schoonheid, kracht en zoveel vaart.

Ach, gij schrijverke, ik stond vanmorgen op.

Ik had opeens twee pluimpjes op mijne kop.

Waarom met al uw wijsheid zegt ge daar niets van?

Met uw intelligentie zoals water in een kan.

Nee, gij kijkt alleen naar mijne staart.

En vraagt mij constant ‘wat is hij waard?’

Ik zal u zeggen heel stil en fijn.

Wat mijn pluimenstaart waard zal zijn.

Hij is nog minder waard dan klei.

Maar vooral, hij is en blijft van mij!

Kijken naar mijn staart mag je oh zo veel.

Maar betalen en krijgen is niet uwe deel.

Dag schrijverke, zeg, tot ziens ik vlieg nu weg.

Autisme Storm.