Zwarte vijvers

Het Zwart Meer in kanton Fribourg in Zwitserland. Foto: Thomas Mulchi op Flickr.com.

De zwarte vijvers lopen vol.

Gemene kikkers vragen tol.

Duistere, donkere dromen.

Een toekomst wil niet komen.

Omdat het verleden blijft plakken.

Aan kastelen waar toegangspoorten naar beneden zakken.

Met een guillotine in de achtertuin.

En het dagelijks overleven op vrolijk puin.

Omdat de leugen de waarheid is.

En de waarheid vervlogen, onzichtbaar gas.

Mijn ribben vervormen tot breekbaar vlas.

En geen adem blijft in mijn glas.

Een glas dat leger is dan half.

Een een hoofd drie kwart na elf.

De dagen zoeken, de weken roepen.

De sleur glijdt zonder kleur.

De melk roomt tot een rare geur.

Maar we zien niets meer in al het licht.

In genieten en leven als een valse plicht.

De omgeving moordt, de adem smoort.

De pijn vandaag, de hunker naar later.

Als het niet meer hoeft van meer en vaker.

Als wakker worden verdwijnt na slapen.

Als het niet meer kan en we alles achterlaten.

Autisme Storm.

Vol hoofd

Foto: Kyle Ruth.

De drukte om mij heen

Waar moet ik heen

Ik voel mij hier niet thuis

Ik voel mij een pels in de luis

Straaljagers vliegen in mijn hoofd

Van alle rust opeens beroofd

Voller dan volle melk

Laat gaan die kelk

Een racebaan, een rat race

Laat mij adem en space

Geef mij tijd

Zodat ik niet langer lijd

Laat mij gaan

Ik ga eraan

Ik wil rusten

Ik leef te bewust

Vol prikkels en vol hoofd

Ik wou dat je mij gelooft

Autisme Storm.

Hoe lang was het geleden… de eeuwige stilte?

Foto: Trikke Van Roey.

Hoe lang was het geleden?

Het verhaal in het verleden voor de mensen van heden.

Hoe lang was het geleden?

Dat ze elkaar terug in de ogen konden kijken?

Een zerk ertussen.

Van de melkboer, die van zijn melk was toen zijn zaak van melk op de fles ging.

Tetra Pak. Dat was de toekomst hadden twee Zweden bedacht.

En het was afgelopen met melk en fruitsap in flessen.

Zijn zaak en zijn hart begaven het.

Nu ligt hij spelbreker te wezen tussen hen.

Zij die daar in elkaars ogen keken en zagen dat het goed was.

Die elkaars hart hoorden tikken.

Tot ze alleen hun dikke hoorapparaat nog zagen als ze hun dikke bokaalglazen met de wind voelden tikken op hun dikke neuzen die in tegenovergestelde richting stonden.

In melkwitte letters staan hun namen nu geschreven in dikke basalt.

En tussen hen in met gouden grote dikke krullen die van een melkboer die zijn tijd had gehad.

De koeien stonden werkloos in de wei.

Sojabonen moest het nieuwe stadsvolk hebben.

En tofu en glutenvrij brood.

De molenaar verbleekte op een oude prentbriefkaart.

De oude tijd zou verhuizen naar filmarchieven.

Zelfs de bibliotheken deden hun beeldenstorm met letters en woorden.

Digitalisering. Computerisering. Online.

Lenen en ontlenen zonder stof of zorgen.

De oude bank verdween. Versleten en niet vervangen.

Alleen de Leie bleef meanderen zoals voorheen.

Ze keek alleen in de bocht de andere kant op.

Weer drie knipogen de oude rivier verder de stad in begeleiden.

Een mist stak op. Het werd weer avond.

Autisme Storm.