Hoe lang was het geleden… de eeuwige stilte?

Foto: Trikke Van Roey.

Hoe lang was het geleden?

Het verhaal in het verleden voor de mensen van heden.

Hoe lang was het geleden?

Dat ze elkaar terug in de ogen konden kijken?

Een zerk ertussen.

Van de melkboer, die van zijn melk was toen zijn zaak van melk op de fles ging.

Tetra Pak. Dat was de toekomst hadden twee Zweden bedacht.

En het was afgelopen met melk en fruitsap in flessen.

Zijn zaak en zijn hart begaven het.

Nu ligt hij spelbreker te wezen tussen hen.

Zij die daar in elkaars ogen keken en zagen dat het goed was.

Die elkaars hart hoorden tikken.

Tot ze alleen hun dikke hoorapparaat nog zagen als ze hun dikke bokaalglazen met de wind voelden tikken op hun dikke neuzen die in tegenovergestelde richting stonden.

In melkwitte letters staan hun namen nu geschreven in dikke basalt.

En tussen hen in met gouden grote dikke krullen die van een melkboer die zijn tijd had gehad.

De koeien stonden werkloos in de wei.

Sojabonen moest het nieuwe stadsvolk hebben.

En tofu en glutenvrij brood.

De molenaar verbleekte op een oude prentbriefkaart.

De oude tijd zou verhuizen naar filmarchieven.

Zelfs de bibliotheken deden hun beeldenstorm met letters en woorden.

Digitalisering. Computerisering. Online.

Lenen en ontlenen zonder stof of zorgen.

De oude bank verdween. Versleten en niet vervangen.

Alleen de Leie bleef meanderen zoals voorheen.

Ze keek alleen in de bocht de andere kant op.

Weer drie knipogen de oude rivier verder de stad in begeleiden.

Een mist stak op. Het werd weer avond.

Autisme Storm.

De overspelige spoeling

De Korenbeurs in Schiedam.

Deze voormalige koopmansbeurs, één van de pronkstukken uit de Schiedams jeneverindustrie, is meer dan 200 jaar oud. De bouw start in 1787 onder leiding van de Rotterdamse architect Carlo Giovanni Giudici.
 
Vijf jaar later wordt de beurs opgeleverd en vanaf dat moment trekken dagelijks honderden branders en distillateurs uit het hele land naar Schiedam. Op de binnenplaats, die toen nog niet overdekt was, wordt luidruchtig gehandeld in moutwijn, granen en spoeling. Er heerst een lichte chaos die vergelijkbaar is met de beurs op Wall Street. Rechts van de Korenbeurs, aan de Dam 2 is in die tijd Koffiehuis De Beurs gevestigd, waar verhitte handelaren even kunnen uitblazen.
 
Ruim 125 jaar blijft De Korenbeurs in gebruik als handelscentrum. Door de opkomst van de spiritusalcohol, die de moutwijn en granen overbodig maakt moet De Korenbeurs in 1918 haar deuren sluiten
Foto: Jan Sluijter.

De overspelige spoeling van het lot.

Je kwam aan land en vaagde alle zekerheid weg.

Het zout in de lucht en de zoete vis verloren.

De palmen die zich omdraaien tot de olie bezwijkt.

Het rendier verloren in een toendra van oerwoud.

De zon die uitdooft en de wolken die licht geven.

De mensen die braaf en goed waren en de dieven echt stout.

De zee weer blauw en de zondag weer rust.

Het lot was evenwel verloren.

Al duizenden jaren een zoutpilaar van ons bestaan.

Autisme Storm.

Kleuren

Foto: Mikka Noptek.

Geel is het licht. Geel is de dag. Geel is de zon en de kracht.

Ook groen. De natuur en het leven.

Maar als alle kleuren samen komen is er enkel zwart. En dan licht. Sterker dan wij kunnen zien met onze ogen.

Geel is niet geel. Groen is niet groen. Zwart is niet donker.

Het zijn duizenden kleuren alle-tezamen. Wij simpele onnozele mensen zien geen kleuren. Wij denken alleen dat we kleuren kunnen zien.

Water is wit of is het blauw? De zee is groen, grijs of is het appelzeeblauw?

Wij zien geen kleuren. Omdat ons mens-zijn zijn beperkingen heeft (zoals een autist).

De kleur van elk karma omvat de ziel. Als de ziel gaat leven na een korte winterslaap, krijgt het karma zijn kleur.

Autisme Storm.

De schildpad

Foto: Susan Dekker.

De schildpad zijn huis, de mensen hun schild.

Hoe traag de viervoeter, hoe snel de tweepoter.

Honderd jaar te gaan. Ons bestaan.

De winter laten om te slapen. De slaap laten om te winteren.

Rust, rust tot de pad kan ontwaken. Druk, druk tot de mens kan gaan slapen.

Geen pantser is bestand tegen zulk leven, want groene blaadjes moet men goed kauwen en tomaatjes niet te rouwe.

Eet een schildpad echt vlees, wordt ze plots weer mens: een beet, een snauw en steeds weer rennen. Gauw, gauw, nu gauw.

Autisme Storm.

Kruistocht van woede

Kruistocht in spijkerbroek in Den Haag in Nederland.
Foto: Roel Wijnants.

De kruistocht van woede heeft altijd bestaan. Vanaf het eerste uur werden koppen ingeslagen voor warmte en licht. 10.000 oorlogen en nog duizend te gaan.

Als jij de laatste kogel wil afvuren en de laatste vijand wil verslaan, komt een nieuwe woede er weer aan. Een nieuwe aanval op ons bestaan.

Geen oorlog te weinig, geen oorlog te veel. Pas als zij het zeggen, is het weer even gedaan. Pas als de oorlogstrommen de adem inhouden.

Als de kolibrie een lepel hoeststroop neemt. Dan schuren de kelen van woede. “Geef ons weer oorlog, weer macht, water en vuur, weer olie en ertsen, land en veel mensen, drie koeien, een vrouw. Geef ons weer oorlog. Anders is het gedaan.”

Autisme Storm.

Meisje in de metro

Foto: Tald Khatib.

Je komt toch altijd dezelfde mensen tegen op het perron en in de metro. Het meisje met de kastanje bruine paardenstaart. Waarbij je je afvraagt hoe haar dikke vette ronde kont ooit in haar jeans past en wanneer ze uit haar jeans gaat springen.

Met haar kartonnen zakje en haar bruine lederen handtas gemaakt door achtjarige kinderen in Bangladesh in mensonterende omstandigheden.

Met een aura van ontgoocheling, woede, verdriet van ik, Calimero, tegen de boze collega’s en bazen op het werk. Haar moeilijke relatie met haar jeugdvriend. De dominerende moeder en de afwezige vaderfiguur en het negativisme van een bus Okra-leden drie uren in de file, in dat vrouwelijk lijfje.

Ze werkt niet bij ons hoor. Maar ik zie ze wel dagelijks in haar strijd, vol nijd, tegen haarzelf. De misnoegdheid van het topje van haar strandschoenen tot de kleinste vezel in haar bestaan.

En dan is er ook de grote dikke loebas die in Aalst de trein neemt. Wit t-shirt drie maten te klein voor zijn dikke buik en navel op de voorgrond zijn nek uitsteken naar de pendelaars. Dag navel, dag dikke man. Met je bruine short en opgeblazen gezicht net alsof je er en half uur met een fietspomp in gepompt hebt. Haren zoals Johan Verminnen, maar het voorste deel van het hoofd goed kaal. Gezicht van een verdronken vlinder in de Kalmthoutse heide. Zoals de ark van Noach; iedereen mag mee.

Autisme Storm.

Ledlampjes in de kerstboom

De dorpen als ledlampjes in de kerstboom.

De straten als spaghettipieten in het bord.

De huizen als ontbijtgranen. De mensen als korrels zand.

Het verhaal is flou.

Ledlampjes, spaghettipieten, ontbijtgranen, zand.

Ze flitsen door elkaar. De één naar hier, de ander naar daar.

Komen ook de kerstballen en slingers eraan.

Met nogmaals hun eigen verhaal.

Vraagt moeder Maria ‘Waar is die herberg om naartoe te gaan?’.

Wanneer open, wanneer inchecken, wanneer ontbijt, in welke zaal, wanneer vandaag?

Stop! Het is een herberg. Geen vragen en schuilen maar.

Ik zit met lampjes, pieten, granen, korrels, …

Kom mij niet vragen met welke badge je in jou herberg inchecken mag.

Ik zit in een andere stad, een ander land, een eigen verhaal, als je dat eens begrijpen kon.

Ik ben moe. Straks weer een nieuwe kermis die op mij wacht.

Laat rusten en dan ginds naartoe.

Autisme Storm.