Niet mijn dag

Het was niet de dag

Het was niet de dag die het zou moeten

Het was de dag die het zou worden

Een dag zonder lach

Omdat die lach was verdwenen

Omdat het onweer de dag kaapte

Het werd geen routine

Omdat de verandering mij gijzelde

Omdat chaos het losgeld betaalde

De regelmaat werd verkracht vannacht

Door Somalische piraten in mijn hoofd

Die mijn ochtend zouden bepalen

Het werd oorlog

Een strijd om te overleven

In een wereld van chaos

Waarin ik de weg kwijt raakte

Waarin ik verdwaalde in hersenspinsels

Waarin ik mijzelf verloor

Ik wilde roepen om hulp

Maar niemand heeft mij leren roepen

Ik zocht woorden om aandacht

Maar mijn zoekfunctie blokkeerde

Totaal en weer een keer

Een keer teveel

Te veel rotzooi

Om te ontsnappen uit de chaos

Chaos die ik alleen zie

Chaos die ik alleen beleef

Chaos mijn grootste vijand

Als piraten met kalashnikovs

Als rovers met zwaarden

Als terroristen met granaatwerpers

Als een woord een verwijt wordt

Als de rede wordt begraven

Als Cupido een schrikbewind voert

Een hart een handgranaat

Een pijl een oorlogswapen

De liefde de haat

Hoe fout kan het gaan

In een milliseconde van chaos

In een fractie van ontreddering

In een moment van totale onmacht

Het werd weer een dag

Die jij en ik niet zo graag mag

Het was jammer weer

Niet mijn dag

Autisme Storm.

Die vluchtige zomer

Foto: Alan op Flickr.com.

Hoe vluchtig was die zomer

Als een zuchtje in de herfst

Drie hittegolven zei de weerman

Ik trek een warme trui aan

Te weinig water stond in de krant

Ik neem een glas water van de kraan

Niets gebeurt op politiek vlak

Alleen revoluties brengen politiek

Weer een kat vermist

En de asielen zitten bomvol

Net als de wegen, de steden, het openbaar vervoer

Als heel de aardkloot eigenlijk

Want niemand woont in de oceaan

Water genoeg daar

Maar we hebben liefst iets zoetigs

Om onze tanden kapot te knabbelen

Op kosten van de sociale onzekerheid

Om nadien tien vegi kookboeken te kopen

Dieet 363 te volgen

En de maand nadien een nieuwe kleerkast

Want weer een maatje bij

Zolang ze maar geen vreemd kleurtje hebben

Ik vind wit een vreemde kleur

Zolang ze niet anders zijn

Mijn spiegel schrikt zich elke ochtend te pletter

Besef

Als de linkshandigen beginnen rechts te schrijven

Is hun laatste pennentrek nader

We gaan iets voor het klimaat doen

Elektrische boten in Amsterdam

Ze gaan varen met 300 miljoen Chinezen

Die voor het eerst een monovolume kopen

Fijn in gangnam style het milieu

… verder om zeep helpen

Moet er nog een iFoon, e-auto of tablet zijn

Nikkel, mangaan en kobalt

Kom gerust langs in Congo

Lieve Belgen en Chinezen

Ontgin het, steel het, verkoop het

Laat de kinderen putten graven

Twintig meter diep

Kinderen en ertsen genoeg

Vooruit met die plundering

Want de zomer was weer vluchtig

En lithium wacht op ons

Made in Chili en Australia

Een half miljoen ton

Voor minder komen we niet langs

Want we hebben het druk

Met het plunderen als kolonisten

Van elke Afrikaanse bodem

En onze dieetboeken zijn reeds tweedehands

Zo vluchtig als die zomer

Autisme Storm.

Die ochtend (Verbondenheid)

Foto: wilma HW61 op Flickr.com.

Hij greep mijn borsten beet

Een aarzelende greep

Trillende handen

Die mij intens omarmden

We waren net opgestaan

De ochtendplas nog niet gedaan

Als een junk onze eerste knuffel nodig

Woorden en stof compleet overbodig

Houden van, aanraken kan

Een zoen van een kapoen, ik vandoen

Een streel in de ochtend vroeg

Liefde die ons samen droeg

Potjes lijmen en potjes breken

De rimpels steeds glad gestreken

Samen zoveel liefde gehad

Genieten in onze serviceflat

Autisme Storm.

Het leven: mijn eigen gril

Beeldig Lommel 2018

Foto: Sonja Hoeykens.

(Liedtekst:)

Ik had mijn eigen gril

En niemand die dat wil

Het was stil, het was stil, het was stil

Geen toekomst, honderd gaten

Dus vroeg ik aan mijn maten

Waar ze zaten, waar ze zaten, waar ze zaten

Toen opende het doek

Er ontstond zowaar een vloek

Ik kreeg bezoek, ik kreeg bezoek, ik kreeg bezoek

Wat lekkers klaar gezet

Zo even weer aan zet

Wat een pret, wat een pret, wat een pret!

Toch bleef ik zo alleen

Met jeuksel daar be’neen

Aan mijn teen, aan mijn teen, aan mijn teen

Dus ‘k vroeg God ’n keer

Mijn hart doet zo zeer

Geef mij meer, geef mij meer, geef mij meer

En die ochtend diep in mei

Een vrouwtje kwam erbij

Aan mijn zij, aan mijn zij, aan mijn zij

Wij werden zo een paar

’t Leven begon toen aldaar

Het was waar, het was waar, het was waar

Ik zag Madame Zaza

En deed de mensen na

Blablabla, blablabla, blablabla

Zo zitten op één lijn

Zou dit het leven zijn?

Het leek fijn, het leek fijn, het leek fijn

Te vroeg ging ik zweven

Straks oud en spontaan beven

Ik wil leven, ik wil leven, ik wil leven

Wat werd mijn leven zwaar

‘k Verloor toen al mijn haar

Ik was klaar, ik was klaar, ik was klaar

Al die herrie thuis erbij

Dat maakte mij niet blij

Ik wil vrij, ik wil vrij, ik wil vrij

Toen kwam zij dichterbij

En zei toen tegen mij:

Papegaai, papegaai, papegaai

Autisme Storm.

Maalbeek

Foto: Jelle Vanthuyne.

We gingen op weg zoals elke ochtend

We gingen op weg zoals telkens weer

Toen daalde de zwarte regen neer

Voor jou geen dinsdag meer

Drukke metro een laatste zoen

Vertrouwde stop waarom anders doen

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Bedolven in stof van haat en woede

Bedolven in schoonheid zoet

Zo dichtbij de hel onder de grond

Waar onze liefde vond

Ontspoorde gekken gemene gril

Toen stierf de tijd en het werd stil

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Europa schrok en keek naar jou

Europa huilde om man en vrouw

Kon ik je maar een knuffel geven

Was jij maar bij mij gebleven

Verdronken rivier huilende dagen

Na woede nog zovele vragen

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Onze ontmoeting daar plots gedaan

Onheil en een donkere traan

We omarmden elkaar daar zonder zorgen

Maar waar is nu de weg naar morgen

Je bleef daar achter op jankende treden

Heden werd toen het verleden

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Hun dromen maken wij vandaag

Hun namen als een tweede laag

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

De weken tellen geen dinsdagen meer

De uren zoeken minuten weer

Ach irissen zullen er altijd bloeien

Uit donker het licht blijven stoeien

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

De stad verbonden in elke hoek

Laat haat voor eeuwig zoek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Maalbeek, Maalbeek, Maalbeek

Tweede laureaat Nekka Liefde voor Lyriek wedstrijd 2019.

Hoe donker is de nacht

Foto: Paul Moore.

Hoe donker is de nacht

Als de ochtend niet meer lacht

Als je het licht niet meer ziet

Tussen al dat grote verdriet

Als iemand het heeft donker gemaakt

En aankomende trein je auto raakt

Als je niet meer kan vertrouwen

En het leven gaat vernauwen

Tot opeens twee straallichten

Die de afstand snel verdichten

Een enorm lawaai een enorm klap

Wat rest een drama op Google Maps

Hoe jong je was

Hoe goed je de regels las

Je wou van alles doen, je wou vooruit

De toekomst verwrongen staal, gebroken ruit

Als engel moet je leven

Te vroeg, te zeer bedreven

Een vriend kwijt, een verlies zo groot

Om een onschuldige, nu plots dood

Autisme Storm.

De gure nacht

Foto: jackfre op Flickr.com.

In dat verre oord

Om tien twaalf uur

Brandt ’s avonds de lamp niet

Ontwaakt de ochtend niet

In het midden van de nacht

Wordt er druk gekocht en verkocht

Door diegene die alleen naar huis toegaat

Het licht van de boomschors

Is verborgen in die vogel op het veld

De wind blies aan de kant van de weg

De achtervolging in

Niemand kijkt toe

De slechte lucht kwam op een dwarsfluit

De bamboe verwelkte

De boot nachtte het verlaten in

De roep van een enkele kraai

Hoeveel voetafdrukken en hoeveel paarden

Versleten de weg van het pad

Iemand kwam terug

De dag bleef niet tot het einde

De weggelopen koper

Liep hand in hand met een stille pijn

Het constante dramaspel

In open lucht

Iemand huilt, iemand zegt ‘het gaat niet goed’

Maar de wegloper hij doet

Altijd hetzelfde spel

Van liegen en bedriegen

Tot de ochtend aan de voordeur klopt

Of niet meer klopt

Autisme Storm.

De grote stad

Foto: byHSP op Flickr.com.

Oh mijn hart, kijk ook langzaam aan de rechterkant

Dit is de grote stad

Twee armen aan elke zijkant gestrekt tot mijn binnenkant

Het ritme van de vrijheid aanbid ik in extase

De rivier vergeet nooit de heilige aarde

Dit is de grote stad

Niemand weet hoeveel mensen ons roepen

Slaapwandelen om verloren te lopen in de zee

Als lichamen achterblijven

De deur open voor geven, ontmoeten en terugkeren

Dit is de grote stad

De enige mensen die in onze buurt kwamen

Waar zij in de ochtend

Toen niemand ons durfde te verlaten

Heb ik in hun stem melodietjes gehoord

Dat nog anderen gaan komen

Dit is de grote stad

De dag werd onderbroken door geschreeuw

In het hart van het hart

Werden we wakker door het geluid

Een groep mensen in huis maakte een groot probleem

Ze aanbaden de verkeerde goden

Dit is de grote stad

Het vuur brandde vlam na vlam

De toekomst werd door geld en het lot geschreven

Zorg voor verdrukten, luister naar die andere stem

Vrees zoveel je kan en beledig niemand

Laat de zielen leven

Aan het einde van een verschrikkelijke pijn

Dit is de grote stad

Kom vandaag naar mij toe

Van alle talen, van alle volkeren, van elke religie

Heb vrede

Omarm mij met al je armen

Kom naar mij toe en word verliefd

Maak je debuut op deze pelgrimstocht

Want dit is jou stad

Autisme Storm.

Elkaar

Foto: Mannu Bukler.

Verscholen in elkaar

Was hun liefde waar

Zochten zij niets en vonden zij alles

De bank was hun wereld, hun terrein

De ochtend was geil, het leven fijn

De dromen na het avontuur

Was alles maar van lange duur

Autisme Storm.

Sneeuw

Foto: Astrid Mensen.

Het was weer lang geleden

De sneeuw die kwam beneden

Het zag overal witjes aan

Alle auto’s van de baan

Ik kon het niet geloven

Wat deden ze toch daarboven

Boven in de hel

Deden zo hun ding daar wel

Kon ik maar verlangen

Naar vogels en gezangen

Kon ik maar weer staan

Op de aarde of de maan

Maar niemand kan ooit beloven

Dat de lente ooit zal komen

Mijn adem bleef toen staan

Het leven plots gedaan

Ik stond die ochtend voor het venster

Mijn lichaam zijn laatste genster

Het zag zo wit daarbuiten

Sterretjes bevroren aan de ruiten

Maar voor mijn ogen, plotseling zo zwart

Opeens begeven, veel te jong mijn hart

Ik zal geen honderd halen

Ik steeg op uit de dalen

Mijn karma zweeft nu rond

Waar het nooit vriest aan de grond

Het zal nooit meer lente of winter wezen

Nooit meer pijn, ziek of genezen

Ik heb mijn rust gevonden

In de hemel voor de honden

Autisme Storm.