Witte woede

Foto: Witte Woede Witte Woede op Flickr.com

Een witte woede van groene sjaals en groene vlaggen

Van gesmoorde emoties en vermoorde idealen

Ontvlammen als vuurpijlen en bommetjes in het rond

Het ontspoorde falen van besparingen en werkdruk

Tot de druk op de ketel te veel wordt

En er in de keuken geen ketel meer overblijft

De verzorgenden onze zorg nodig hebben

En verpleegkundigen hun wonden likken

In een ongelijke strijd voor alsmaar meer

Met alsmaar minder om dat meer te maken

Afgeschoten als de favoriete roos op de kermis

Uitgeblust zoals zelfs pompiers dat niet kunnen

Omdat ze denken dat ze het wel aankunnen

Dat alles wel vlotjes zal varen

Dat het een beetje aanpassen is

De dodentocht met een rollator

Verspringen zonder benen

Olympisch zwemmen voor eendagsvliegen

Mogelijkheden onmogelijk en onbeperkt

Iemand wordt er gelukkiger van

Investeerders in immobiliƫn en pillen

Poenscheppers aan de bron

Tot de bron geen leven meer geeft

En het paradijs een oase blijkt

Autisme Storm.

Schaakborden van oorlog

Schaakborden spelen oorlogen

Tak-tak-tak, het houdt niet op

In het belang van macht gedurende twee en een half jaar of meer

De vermoorde lichamen sneuvelen in de naam van de Heilige Strijd

Het nationalisme werd de ontploffing

Is de aarde beter af zonder de mensen?

Kijk daar weer een lijk en een lichaam dat kreunt

Je bent toegewijd aan het dagelijkse bloed

Vandaag zullen opnieuw tweehonderdnegentien onschuldigen sneuvelen

Het gaat niet langer om de ziel, ze zijn slechts een nummer

Foto: Drumroll Studios.

De liefde voor religie en de liefde voor het volk

Misbruikt voor bloed op de grond en overal waar het stromen kan

Een industrie van beenderen en rompen

Skelet, slechts gelijkheid kan de ogen openen

Een gevecht tegen elk gerucht, een fatwa op de mobiele telefoon

Aan het einde van de dag wil je gewoon vrede

Twee granaten, vier lichamen erbij

De slechten aan het spit, het land verheugt zich

Het zal weer vechten zijn vandaag

Het einde van de strijd nog lang niet in zicht

Ze spannen samen, ze verbrokkelen en strijden weer voort

Het gif in de beker moet tot de laatste druppel worden uitgedronken

Het uur van de vrede is nog niet in zicht

Autisme Storm.

Meisje in de metro

Foto: Tald Khatib.

Je komt toch altijd dezelfde mensen tegen op het perron en in de metro. Het meisje met de kastanje bruine paardenstaart. Waarbij je je afvraagt hoe haar dikke vette ronde kont ooit in haar jeans past en wanneer ze uit haar jeans gaat springen.

Met haar kartonnen zakje en haar bruine lederen handtas gemaakt door achtjarige kinderen in Bangladesh in mensonterende omstandigheden.

Met een aura van ontgoocheling, woede, verdriet van ik, Calimero, tegen de boze collega’s en bazen op het werk. Haar moeilijke relatie met haar jeugdvriend. De dominerende moeder en de afwezige vaderfiguur en het negativisme van een bus Okra-leden drie uren in de file, in dat vrouwelijk lijfje.

Ze werkt niet bij ons hoor. Maar ik zie ze wel dagelijks in haar strijd, vol nijd, tegen haarzelf. De misnoegdheid van het topje van haar strandschoenen tot de kleinste vezel in haar bestaan.

En dan is er ook de grote dikke loebas die in Aalst de trein neemt. Wit t-shirt drie maten te klein voor zijn dikke buik en navel op de voorgrond zijn nek uitsteken naar de pendelaars. Dag navel, dag dikke man. Met je bruine short en opgeblazen gezicht net alsof je er en half uur met een fietspomp in gepompt hebt. Haren zoals Johan Verminnen, maar het voorste deel van het hoofd goed kaal. Gezicht van een verdronken vlinder in de Kalmthoutse heide. Zoals de ark van Noach; iedereen mag mee.

Autisme Storm.

Toendra

Foto: florisla op Flickr.com.

Het is min 19 in de verlaten toendra en de ijzige lucht dringt door alle metaal van de trein die moeizaam op gang komt.

Zuchtend, piepend en smekend sleept de zware locomotief zich voort in het stille desolate landschap tussen het dode liggende vee dat de laatste vrieskou niet heeft overleeft.

De metalen spoorstaven worden door koning winter tegen elkaar naar boven geduwd.

De trein schokt vooruit over elke bubbel.

De dikke pelsen frakken bieden nauwelijks weerstand en de ijzige ademwolkjes verspreiden zich als de smoor van Havaanse sigaren in de donkere treincoupƩ.

Het houten bankstel kreunt met elke nerf mee als een vergane matroesjka.

Aan de wekenlange ijskoude lijkt maar geen eind te komen.

De loodzware winter van dood en verderf heeft genadeloos toegeslagen.

Mens en dier, machine en leven vechten met de duivelse winter een strijd om overleven uit.

Niemand zal straks ongehavend de lente beminnen als het aanschouwen van een Russische ballerina in het theater van Moskou.

De winter zal sterven, de lente zal met stille tred op het voorplan treden.

De littekens van de witte hel zullen nog maanden meeslepen in de ontwakende toendra van morgen.

Autisme Storm.

Traag


Doorkruipen levensgevaarlijk!
Het is niet toevallig dat blad en slak dezelfde houding hebben, hoewel de slak traag is moest ik vlug zijn om het juiste moment te pakken.
Foto: John de Grooth.

Soms ben ik voor jou wat traag.

Maar vergeet nooit ik zie je graag.

Soms gaat alles voor mij veel te snel.

En voel ik mij niet goed in mijn vel.

Dan moet ik de marathon lopen.

Dan staat piste 1 tot 8 voor mij open.

Dan kan ik niet kiezen.

En riskeer ik mijzelf te verliezen.

Dan ben ik zo verschrikkelijk boos.

Dan schuil ik in mijn eigen doos.

Dan wil ik niet kiezen.

Dan maak ik een puinhoop.

Dan heb ik jou nodig.

Dan vecht ik mijn strijd.

Met brokken en nijd.

Dan heb ik spijt.

Dat jij nu weer lijdt.

Als ik boos lijk op jou.

Vergeet dat dan heel gouw.

Want boos ben ik nooit op jou.

Dat is iets wat ik nooit wou.

Boos ben ik op mijzelf en de wereld eromheen.

Die maakt mij soms kwaad dat ik er om ween.

Alleen met jou zie ik alles helder en alle verbanden.

Alleen met jou kan ik veilig landen.

Love you.

Autisme Storm.

Allemaal figuren

Cirkels met een begin, maar zonder einde.

Draaien allen tezamen in mijn hoofd.

Als kronkelende monsters boven en beneden.

Ik wil ze sluiten, maar het lukt mij niet.

Ze draaien links, rechts, boven en beneden.

Grijze hoefijzers voor elke prikkel.

Elk geluid en achtergrondgeluid.

Elke stem ver en dichtbij, elke vorm, detail, tekst en kleur.

Komen samen als klank- en lichtspel.

Ik krijg geen cirkel gesloten.

Het blijven kronkelende wormen, grijze hoefijzers die in elkaar verstrengelen.

Laat mij even alleen. Ik moet ze ver weg gaan jagen.

Ze moeten weg. Ze zijn mij te veel.

Elke streling, elk geluid, elke vraag is mij te veel.

Een beetje boosheid nooit geleerd.

Als ik ontplof is alles woede.

Het is niet jou fout. Ik moet mij wapenen tegen al die kronkels, cirkels zonder einde in mijn hoofd.

Het maakt mij zo ontzettend moe. Het kost mij zo verschrikkelijk veel tijd.

Beter alleen de stille strijd. Dan nu een nieuwe lading vragen, woorden, strelingen.

Ik ben in oorlog met de drukke buitenwereld. Laat mij nu even alleen.

Ik heb nood aan rust; geen extra prikkels.

Dan wordt het helemaal te veel. BOEM! Dan ontploft alles in ƩƩn keer.

Geen boosheid, maar mijn eigen schild.

Ik wil mijn angsten niet tonen en kan dit niet.

Het is ofwel ‘geen boosheid’ of ‘zeer grof geschut’. Ik zou niet weten wat er tussen beiden in bestaan kan.

Ik ben niet kwaad. Ik ben niet triest. Ik wil alleen weer baas zijn in mijn hoofd. Alle losse lijntjes weer eruit.

Ze zijn weer even weg. Ze komen terug. Een nieuwe dag, een nieuwe strijd.

Autisme Storm.