Zwarte vijvers

Het Zwart Meer in kanton Fribourg in Zwitserland. Foto: Thomas Mulchi op Flickr.com.

De zwarte vijvers lopen vol.

Gemene kikkers vragen tol.

Duistere, donkere dromen.

Een toekomst wil niet komen.

Omdat het verleden blijft plakken.

Aan kastelen waar toegangspoorten naar beneden zakken.

Met een guillotine in de achtertuin.

En het dagelijks overleven op vrolijk puin.

Omdat de leugen de waarheid is.

En de waarheid vervlogen, onzichtbaar gas.

Mijn ribben vervormen tot breekbaar vlas.

En geen adem blijft in mijn glas.

Een glas dat leger is dan half.

Een een hoofd drie kwart na elf.

De dagen zoeken, de weken roepen.

De sleur glijdt zonder kleur.

De melk roomt tot een rare geur.

Maar we zien niets meer in al het licht.

In genieten en leven als een valse plicht.

De omgeving moordt, de adem smoort.

De pijn vandaag, de hunker naar later.

Als het niet meer hoeft van meer en vaker.

Als wakker worden verdwijnt na slapen.

Als het niet meer kan en we alles achterlaten.

Autisme Storm.

Opgesloten in mijzelf (Isolement)

Foto: Peter Stray.

Het huis is op slot, alle ramen en ook de achterdeur

De stilte en het afsterven krijgen een bittere geur

Het plafond is weer naar beneden gekomen

Toen het werd beladen met nare dromen

Probeer niet binnen te dringen, probeer het niet

Want die ene in dat huis, hij wil niet dat je ‘t ziet

Het hoofd zit vol, het leven eiste zijn hoge tol

Het lawaai zit boven, pijn vanbinnen, gedaan lol

Straks komt hij weer bij zijn zinnen

Nu even niet, hij wil stilte en rust

Straks de tuin, onder ons, weer bewust

Maar nu is het zwaar, hij zit vast in zichzelf

Het spookt en prikkelt constant onder dat gewelf

Straks is hij er weer, maar laat hem nu met hem

Dankuwel

Autisme Storm.

Mijn hart staat stil, mijn hoofd zit vol

Als je het kon horen.

De wind draait rond mijn oren.

Als je het kon voelen.

Wat ik wil bedoelen.

Als je het zou zien.

Ogen voor een man of tien.

Nummerplaten voor de vleet.

Altijd het detail dat het ‘m deed.

Kriebels in mijn buik.

Elke verandering een grote fuik.

En drukte in mijn hoofd.

Weinig goeds dat dat beloofd.

Prikkels hier, prikkels daar.

Gevoelens uiten veel te zwaar.

Als je eens wist wat ik wil bedoelen.

Als je eens wist hoe ik mij zou voelen.

Mijn hart staat stil, mijn hoofd zit vol.

Alles zien, alles horen eist zijn tol.

Alles zit vanbinnen, opgesloten in een bunker.

Alles onder controle, mijn drift, mijn hunker.

Een bezoek aan het warenhuis.

Daar voel ik mij nooit thuis.

Tien geluiden, honderd kleuren.

Daar kan steeds wat onverwachts gebeuren.

Lawaai, kabaal, banaal, fataal.

Geuren, kleuren, gebeuren, treuren.

Horen, oren, storen, boren.

Voelen, bedoelen, betasten, belasten.

Gelukkig alleen. Mijn eigen planeet.

Niet boos: dat je ’t maar weet.

Een taxi naar huis.

Herkenning, mijn thuis.

Geef mij mijn ruimte, geef mij mijn tijd.

Niet jou, maar de boze wereld die ik nu vermijd.

Autisme Storm.