Een veld vol paardenbloemen

Foto: Raymond Klaassen.

De lucht is prachtig blauw
boven dit veld van paardenbloemen.

Tot zaad vergaan ging ik er in liggen
en de zachte pluiszaden vlogen om me heen.

Ik ademde ze in
en ze vulden mijn longen.

Nu kan ik geen adem meer halen.

Ik ben aan het stikken
en het is zo mooi.

Autisme Storm.

Mijn vogel

Foto: John op Flickr.com.

Mijn vogel lief, mijn lief
waar ben jij als ik zoeken ga,
als ik je niet vinden kan,
dan heb jij mij al gevonden al.

Want jij bent nooit ver weg,
jij bent altijd dichtbij,
als ik denk je zoeken moet,
dan heb jij mij al gevonden snel.

Als ik merk, je zit weer in de lucht,
dan kwetter jij al vlug,
’t was koud zo aan de grond,
dus nam ik maar de vlucht.

Ach vogel, waarom jij
waarom zo ver van mij,
verloren pluim, sneeuwpoot
het leven lijkt wel dood.

Een wolk, ze dreef voorbij
een hond, die keek naar mij
een kind, dat zocht een bal
maar vinden lukte niet.

Acht vogel, hartendief
de wind, die stal mijn lief
doch treuren hoef ik niet,
je zit gewoon naast mij.

En als je weer eens vliegen gaat,
mij in de steken laat,
dan schijnt voortaan de zon,
in mijn hart waar alles begon.

Autisme Storm.

Weg van de dag

Ik loop weer weg

Van de dag vandaag, terug naar gisteren

Om mijn blonde haren te laten wapperen

In windstille grijze straten

Weg van de wijze raad

De eigen waarheid achterna

Die mij een spiegel geeft met doornen

Als ik hulp zoek

Zoek ik naar jou die ik wegduw

Huil ik om jou glimlach

Bijt ik in de helpende hand

Terwijl mijn hersenen verkeerd kronkelen

Weg van jullie normaal

Dat mijn vreemde eend blijft

Mijn vijand nummer één

Ik wil niets

Niets dan jou

Niets dan gewoon

Niets is veel

Te veel voor een simpele duif

Die vliegt onder een oceaan

En lava spuwt over dromen

Voor de zandman slapen zal

Ik doe maar voort

Vandaag, één dag na gisteren

Voort de eigen weg

Weg van alles, dicht nabij

Met mijn eigen klei

Onwennig aan jou zij

Autisme Storm.

Foute keuze

Foto: Belchior Golotsutskov.

Meegezogen in het lege bestaan

Van grijzen die geen kleur bekennen

Corona dronken in de eigen waan

Van feller vliegen en gekker rennen

Met gebroken o-poten op de skilatten

Likkend aan dezelfde portozegel

Immer bezatten, nimmer bevatten

Dat hoogvliegers ook laagtes hebben

En alleen blinden jou kleuren zien

Vogel, waarom hoogmoed wedden

Plagiaat van Oudgriekse scene

Autisme Storm.

Varen

Foto Damse Vaart: Nelly.

Als ik wil gaan varen, moet de zee eerst bedaren.

Als ik wil vliegen, mogen wolken de zon niet langer bedriegen.

Als ik wil lopen, mag de inspanning mijn adem niet langer kopen.

Als ik wil rijden, moet alle verkeer eerst wijken.

Als ik wil dromen en moeilijk doen, dan ben ik wel goed bezig. 🙂

Autisme Storm.

Ooit was ik de snelste

Ooit was ik de snelste en ooit zal ik opnieuw de snelste zijn.

Ooit was er een kracht groter dan dag en nacht.

Dag en nacht zouden in het niets verdwijnen door deze kracht.

Dag en nacht zijn uitvindsels van de mens.

De mens in al zijn beperkingen en zorgen.

Denkt alleen aan gisteren en morgen.

Wie de grootste kracht kan voelen.

Zal bereiken de allerhoogste doelen.

Wie zal leven in heden tracht niet naar Eden.

Ons aards’ bestaan is een doekje.

Minder dan een letter in een oneindig boekje.

Ons lichaam is een last.

Gooi het weg, onnodig ballast.

Alleen wie zijn lichaam kan verlaten.

Die zijn karma zal optimaal baten.

Sneller dan het licht en het geluid.

Komt de ziel het aardse lichaam uit.

Een kracht, geen atoombom kan dit aan.

Een snelheid, alle hindernissen uit de baan.

Een lichtflits, mooier dan de mooiste fee.

Een bereik, geen afstanden tellen nog mee.

Alles begint waar alles eindigt.

Alles geneest waar alles pijnigt.

Ziekte en pijn zijn alleen op aarde.

Elders hebben zij geen enkele waarde.

Wie de aarde kan loslaten heeft een oneindig aantal nazaten.

Sneller dan het licht zal ik straks vliegen.

Krachtiger dan een explosie mijn beperktheid verliezen.

Een korrel in de woestijn zal mijn lot weer zijn.

Kleiner dan klein en groter dan groot.

Het mooiste lichaam heeft afgedaan.

Slechts een schuilplaats van het aards’ bestaan.

Komen zal ik opnieuw, komen zal ik altijd.

Ontdekken en beleven, het lastdier en de vrijheid.

Het leven heeft geen zin, als een ring heeft een begin.

Veel zwaarder dan elk water is ons denken aan steeds later.

Later is pas hier als drie is een vier.

Waarom denken aan morgen, een stad van 1.001 zorgen?

Wie leeft zijn eigen leven, bereikt de grootste zegen.

Geniet, beleef vandaag. Morgen is te snel en gisteren was te traag.

Autisme Storm.

Vriend de vogel

Oh vogel, klein, maar fijn.

Zoudt gij vandaag mijn vriendje willen zijn?

Gij met uwe grote staart.

Wat kost dat ding, wat is het u waard?

Oh vogel, klein maar fijn.

Zoudt gij vandaag mijn vriendje willen zijn?

Ik ben jaloers op uwe staart.

Hij is nog langer dan die van een paard.

Van waar hebt gij al die vederen vergaart?

Ze geven u schoonheid, kracht en zoveel vaart.

Ach, gij schrijverke, ik stond vanmorgen op.

Ik had opeens twee pluimpjes op mijne kop.

Waarom met al uw wijsheid zegt ge daar niets van?

Met uw intelligentie zoals water in een kan.

Nee, gij kijkt alleen naar mijne staart.

En vraagt mij constant ‘wat is hij waard?’

Ik zal u zeggen heel stil en fijn.

Wat mijn pluimenstaart waard zal zijn.

Hij is nog minder waard dan klei.

Maar vooral, hij is en blijft van mij!

Kijken naar mijn staart mag je oh zo veel.

Maar betalen en krijgen is niet uwe deel.

Dag schrijverke, zeg, tot ziens ik vlieg nu weg.

Autisme Storm.