De schildpad

Foto: Susan Dekker.

De schildpad zijn huis, de mensen hun schild.

Hoe traag de viervoeter, hoe snel de tweepoter.

Honderd jaar te gaan. Ons bestaan.

De winter laten om te slapen. De slaap laten om te winteren.

Rust, rust tot de pad kan ontwaken. Druk, druk tot de mens kan gaan slapen.

Geen pantser is bestand tegen zulk leven, want groene blaadjes moet men goed kauwen en tomaatjes niet te rouwe.

Eet een schildpad echt vlees, wordt ze plots weer mens: een beet, een snauw en steeds weer rennen. Gauw, gauw, nu gauw.

Autisme Storm.

De spelden van de zonnestralen


Een ferme zonnestraal is door het dikke wolkendek heengebroken en zet de silo en locomotief 50 in het licht. De lege goederenwagens zijn in de loop van de ochtend afgeleverd en de locomotief wacht op het beladen voor het retourtransport. Foto: Marco Moerland.

De spelden van de zonnestralen doorprikken heet stoom aflatende weiland.

Angstig voor het paardbeest dat het groene kapsel wil kortwieken.

Autisme Storm.

De haas uit het oude Egypte

Foto: Cees van Vliet.

Als een sfinx in het groene gras

Als een mythisch wezen aan een kleine waterplas

Half konijn, half ridder der groene velden

Komt hij al huppelend aangesneld

De wachter van bos en struikgewas

Verscholen, waakzaam in zijn sas

Geschapen door Amon, een blazende Nijlgans

Kreeg nietswetende haas zijn huppeldans

Wachtend op een nieuwe tempel en vaste stek

Vroeg Chnoem aan koning Djoser

De Nijl is droog al zeven jaren lang

Ik ken de oplossing, wees niet bang

Geef mij en Amon een groots paleis

En ik geef u het Egyptisch paradijs

De Nijl zal weder overstromen

Aan uw macht zal geen einde komen

De graansikkel zal schitteren tot het hemelfirmament

Het volk zal niet langer morren en is weer content

Geef mij als offer: bier, broden, ganzen en ossen

En ik zal u uit uw nachtmerrie verlossen

Ik geef u hazen, het zal u verbazen

Het recht te beslissen, een Nijl vol met vissen

Het graan tot de nok, koester geen wrok

Voor mij geen houten barak of steengroeve zo grijs

Geef deze ramkop een pottenbakkerij, een paleis

Laat werklieden en kooplui betalen

Voor prachtige paleiszalen

Amon en Chnoem zijn u dankbaar

De oogst en geboorten voor u ons gebaar

Dus laat vos en haas maar komen

om over het oude Egypte te dromen

Autisme Storm.

Ik ben een fooraap

Ik ben een fooraap. Elk weekend naar een andere kermis.

Van het ene dorp naar het andere dorp.

Altijd maar heen, altijd maar terug.

Altijd maar reizen van de ene kermis naar de andere.

Het lachen is mij al lang vergaan.

De belletjes rond de nek van de fooraap klinken triest en dof.

De lach veranderde in een droeve snoet.

De kinderen lachen, de kinderen zijn blij.

Maar de fooraap, die lacht niet mee.

Het lachen is hem al lang vergaan.

Elk weekend reizen, elk weekend weg.

Het leek zo mooi, maar hij heeft het nu wel gehad.

Hij wil weer thuis op de schouw.

Niet dat de kinderen niet vriendelijk zijn tegen hem.

Ze lachen, ze zijn blij, maar de fooraap ziet het niet meer.

Waar gaat hij volgend weekend weer naartoe.

Een nieuwe kermis, een nieuwe stad, een nieuw verhaal, allemaal hetzelfde en allemaal anders.

Altijd joelende, luidruchtige kinderen.

Altijd drukte, overal flinkerende lichten, harde muziek, duizenden stemmen door elkaar in elk een andere taal, elk een ander verhaal.

De aap is moe. Hij heeft elke kerktoren gezien.

Elk kind, elke ouder, elk kleedje van moeder, elke pantalon van vader.

Elk dorp, weer heen, weer terug, weer opstellen, weer afbreken.

De aap kijkt langs hen door. De aap kijkt weg.

Zijn vertrouwde plaats op de schouw is weg.

Hij moet maar door. Hij moet steeds verder.

Kermis hier, kermis daar. Hij haalt alle gezichten door elkaar.

In elk dorp een kerk, een pastoor en een koer, een school en een paard van de melkboer.

De tijd is zo lang blijven stil staan.

Bij de kermis in Marrakesh. Dat was nogal wat.

Van de andere kermissen herinnert de fooraap zich niets meer. Altijd heen, altijd terug.

De dorpen lopen door elkaar. Als vlekken op een trui.

Donderdag, maandag, woensdag, weet ik veel.

Andere dag, dag voordien, dag nadien, dag verdwenen, dag erbij, dag opnieuw, dagen vooruit, dagen terug… 26 8 6 14 31 2 11 9.

Cijfers als spoken door de nacht. Linksboven, rechtsonder, vooruit, achteruit. Met twee, met drie.

Weer heen, weer terug, weer daar, is het waar?

Hoofd is vol, hoofd moet leeg.

Geen mens weet hoe zwaar hij het heeft.

De fooraap moet elk weekend mee, van in Lotharingen tot aan de zee.

Honderden lichten, zilver, groen en rood, dansen als kwelduivels hun eigen dans in de nacht.

Cijfers nemen hun rollercoaster. De 9, 1, 2, 3 willen van voren staan. De fooraap ziet ze allen tezamen.

Cijfers met krullen willen altijd gans vooraan.

De 3, de 9, de 2, de 8. En de 1 op een zielenpoot. Cijfers blijf toch staan! Ik wil jullie niet allemaal samen zien.

Kleuren blijf stabiel, ik hoef geen heel pallet te zien.

Dagen blijf gewoon. Geen brugdag, geen feestdag, doe gewoon!

Piramide, balk, rechthoek, vierkant, trapezium, cirkel.

Blijf toch in de wiskundeles bij meester Kris of bij juffrouw Sonja, n’importe qui, maar achtervolg mij niet.

Stappen, lopen, slenteren op de kermis in dit avond. Dorp na dorp dezelfde kerk.

Maar zoveel kabaal, alle kinderen hun eigen verhaal.

De aap wil rust, even niet op de kermis staan.

Maar achter in de klas, waar het altijd fijn was.

Hoe vriendelijk de kinderen ook zijn. De fooraap ziet hetzelfde verhaal.

Van Malika, de vader, de kermis in Marrakesh. De andere kermissen zijn verdwenen.

Autisme Storm.

Verdwenen totempaal

Oh gele totempaal, waar zijt gij nu heen?

Waarom brengt gij vandaag zoveel zoekenden op de been?

Jarenlang stond gij daar aan het restaurant.

Trouw op post voor bezoekers in heel Nederland.

Werden al die eet- en drinkgelagen jou te veel?

Of wou je opeens groen wezen en niet langer geel?

Steeds was jij trouw op post.

Met een gratis glimlach die niks kost.

Kwamen treurende indianen jou vannacht halen?

Dachten ze om een gele totempaal gaat toch niemand malen?

Wou je zo opeens dan de oversteek maken?

Of moest je dringend weg voor louche zaken?

Lieve gele totempaal, kom snel weer naar huis.

Het is een oproep van jou vriend, de schuurbuikmuis.

Autisme Storm.